Evenwichtskunstenaars van alle leeftijden, ouders, de kinderopvang en natuurlijk vooral de kinderen zelf, zijn gek op de nieuwe speeltoestellen op het grasveld tussen de Ferdinand Bolstraat en de Van der Helststraat. Het weer moet natuurlijk wel een beetje meewerken, maar als dat het geval is, vormt deze groene driehoek een ware magneet op de buurt, vertelt Cees Haazelager (68), die met zijn vrouw Loes al ruim veertig jaar tegenover de speelplaats woont: “Er zijn hier op goede dagen soms meer dan honderd kinderen aan het spelen, en als het rustiger is zie je soms zelfs ouderen voorzichtig schuifelen op de evenwichtsbalken. En het is enig om kinderen hier met stokpaardjes complete dressuurproeven te zien doen, dat is weer zo’n nieuwe rage.”
Zo’n speeltuin lijkt een vanzelfsprekende invulling van een woonwijk als de onze. Eerst was er gras en toen kwamen er natuurlijk speeltoestellen, zou je denken. Maar dat daar überhaupt ruimte voor kwam is een bureaucratisch huzarenstukje vertelt Haazelager, een van de drijvende krachten achter het speelveld. “Dit perceel stond tot in de jaren negentig helemaal volgebouwd met scholen en faciliteiten. Omdat ik zelf uit het onderwijs kom, kreeg ik er lucht van dat daar het een en ander gesloopt zou worden en toen zijn we in 1996 met een groep bewoners met de gemeente gaan praten met de boodschap dat er in onze wijk helemaal niets was voor de kinderen.”
Dat initiatief kwam net op tijd, want als het aan Ruimtelijke Ordening gelegen had, was op die plaats vijf woontorens verrezen zoals naast het winkelcentrum aan het Hoefplan of anders een megalomaan Atrium. De gemeente stond gelukkig open voor alternatieven. Maar desondanks duurde het jaren voordat het toch tamelijk simpele idee van een grasveld met speeltoestellen kon worden uitgevoerd. Haazelager: “Het was net de tijd dat burgers meer zeggenschap kregen over hun wijk. Maar om iets gedaan te krijgen moet je wel meebewegen met de gemeente, een beetje diplomatiek zijn en geen loopgraven betrekken. Onze relatie was goed. We hebben ook nooit gezeurd over een budget waar we recht op zouden hebben en misschien was de gemeente daardoor ook niet moeilijk. Er zijn intense jaren van veelvuldig overleg met de gemeente en politie aan voorafgegaan, maar de hele aanleg ging vervolgens van een leien dakje.”
De eerste speeltuin, die hier tot vorig jaar heeft gelegen is, evenals de nieuwe door buurtbewoners zelf vormgegeven. De heuveltjes, een cadeautje van de bouwer van het complex aan de Jan Steenstraat, zijn bijvoorbeeld een bewuste keus geweest om het aangezicht wat levendiger te maken.
Haazelager prijst zich gelukkig dat de wijk er op tijd bij was met eigen plannen: “Wij zijn hier best we trots op, want we zijn een van de weinige wijken die zoiets bij de gemeente voor elkaar heeft gekregen, want overal wordt ingebreid, zoals dat heet. Elke lege plek is bestemd voor woningbouw. Andere wijken zijn jaloers op ons.”
Toen storm Polly anderhalf jaar geleden een grote boom velde, die precies op het speeltoestel terecht kwam ging de wijkvereniging opnieuw nadenken over een mooie invulling van de speelplaats. Het was niet ingewikkeld om de gemeente mee te krijgen, mede omdat de contacten altijd zo opbouwend waren gebleven. En het vinden van een nieuwe bestemming was ook niet moeilijk.
Haazelager:
“We konden elkaar gemakkelijk vinden in een visie over een invulling van deze waardevolle Groene Driehoek waarbij we rekening hebben gehouden mt de noden van jong en oud! We vonden genoeg inspiratie in speeltoestellen in aanliggende wijken, folders van fabrikanten en internet helpt ook een handje. Daarom was het afgelopen zomer al gereed. En het oude klimtoestel wordt niet meer gemist, er spelen meer kinderen én ouderen dan ooit!”
Fotografie door Marcel Witte